In 2024 zijn de regels rondom het minimumloon veranderd. Werkgevers zijn nu verplicht om werknemers minstens het wettelijke minimumloon per uur te betalen. Er zijn geen minimumbedragen meer vastgesteld per dag, week of maand.
De stijging van het minimumloon per 1 juli 2026 is gebaseerd op de contractloonontwikkeling zoals het CPB die heeft geraamd in het Centraal Economisch Plan 2026, verminderd met de helft van de raming uit de Macro-Economische Verkenning 2026. Deze is al in de januari-indexatie verwerkt. Het onafgerond aanpassingspercentage komt daarmee uit op 1,854%.
Het referentiemaandloon wordt sinds de invoering van het minimumuurloon in 2024 niet langer als basis voor het loon van werknemers gebruikt. Het wordt nog wel gebruikt voor de hoogte en indexatie van diverse uitkeringen. Vanaf 1 juli 2026 ligt het referentiemaandloon op bruto € 2.337,00 per maand (per 1 januari 2026: € 2.294,40). Dat is een stijging van 1,86%.
Minimumjeugdloon per 1 juli 2026
| Leeftijd | Staffeling | Minimumuurloon |
| 21 jaar en ouder | 100,0% | € 14,99 |
| 20 jaar | 80,0% | € 11,99 |
| 19 jaar | 60,0% | € 8,99 |
| 18 jaar | 50,0% | € 7,50 |
| 17 jaar | 39,5% | € 5,92 |
| 16 jaar | 34,5% | € 5,17 |
| 15 jaar | 30,0% | € 4,50 |
Voor werknemers die werken op basis van een arbeidsovereenkomst die is aangegaan in verband met een beroepsbegeleidende leerweg (bbl) gelden alternatieve staffels, die zijn vastgesteld in het Besluit minimumjeugdloon.
Voor leerlingen in de bbl in de leeftijd van 15 tot en met 17 jaar en 21 jaar gelden bovenstaande bedragen. Voor bbl-leerlingen in de leeftijd van 18 tot en met 20 jaar gelden de volgende corresponderende wettelijke minimumjeugdlonen:
| Leeftijd | Staffeling | Minimumuurloon |
| 20 jaar | 61,5% | € 9,22 |
| 19 jaar | 52,5% | € 7,87 |
| 18 jaar | 45,5% | € 6,82 |